ALLERZIELEN

Aan uw dood ginds, is mijn leven hier
voorbijgegaan. hebben uw aarde, amper
aangeraakt: bloemen, uit andere gronden,
geurloos bijna, tot bij uw slaap gebracht.

in dit knekelhuis van bevroren licht.
uw handen werden weggelegd, voor mij.
een mond sprakeloos lang, langs een
aangezicht gaat. de vrede waarin u rust,

zij u vergund, het zij u ontnomen, lijkt
zich bij u te hebben neergelegd.stilte,
aldoor. alsof je nergens meer stemmen hoort.
dieper nog, in het landschap in. de lucht

noch nauwelijks adem. de grond te betreden,
verheft zich aan uw voeten. alsof ze
nergens vonden wat ze zochten. zijn voeten
blijven stilstaan, stilliggen in de aarde.

Is dit de troost. voor wie geboren is?
zijn dit de weinige woorden. voor wie
de pijn heeft uitgeleefd. uitzichtloos,
in zichzelf gekeerd. doorheen het vuur,

te gaan. louter, en alleen nog, te zijn.
Mens te zijn, die mens geworden is.

© Leopold M. Van den Brande, 2012, “alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvuldigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur”.